Marcus schrijft als inleiding van zijn evangelie over Satan, beesten en engelen. En natuurlijk over Jezus en zijn barre leven, dat woestijntrekken vertoont. Vol van de Geest van God bindt de Zoon de strijd aan met Satan, de samenballing van alle slechtheid in de wereld.

‘Wat het bestaan van God betreft, ben ik een ongelovige,’ bekende William Peter Blatty, de schrijver en producent van een film over duiveluitdrijving (The Exorcist). ‘Maar de duivel…..tja dat is een andere zaak. Geloof in de Satan ligt zo voor hand. Hij vestigt voortdurend de aandacht op zichzelf, zo zit dat.’ Auschwitz, Sebrenica, 9/11, MH17, Bataclan…. Je zou er haast van uit gaan dat er geen God is. Het Kwaad regeert.

De evangelist Marcus weigert te geloven, dat Satan vrij spel heeft in deze wereld. Hij gelooft in Jezus, de Zoon van God, die de strijd tegen het kwaad en de keuze voor het goede tot zijn levenswerk maakte. En overwon!

Waar het kwaad uitgeschakeld wordt, keert de harmonie van het paradijs terug en wordt de verbinding met de hemel hersteld. Deze overtuiging van de evangelist Marcus bemoedigde Maarten Luther King in zijn strijd tegen rassenhaat en discriminatie. Het heeft nog niets aan actualiteit verloren.

Marcus 1 : 12 – 15

 ‘Hij leefde er te midden van de wilde dieren, en engelen zorgden voor hem.’

                                                                                                                Marcus 1 : 13

 

Waarom?
Tijdens de Tweede Wereldoorlog hebben 24 Nederlanders in SS-uniform als bewaker in vernietigingskamp Auschwitz gewerkt. 15 mannen en 9 vrouwen. Niet alleen Duitsers, ook Nederlanders waren medeplichtig aan de moord op minstens 1,1 miljoen mensen in vernietigingskamp Auschwitz. Dat zij betrokken waren bij dit kwaad roept de moeilijkste vraag van het geloof op. Deze: Als God bestaat waarom is er dan toch zoveel duivels kwaad in de wereld? Waarom houdt Hij het niet tegen?

Ik weet geen sluitend antwoord. Ik kan wel de vraag omdraaien: Als er zoveel kwaad de aarde overspoelt, waarom is er dan toch zoveel moois en goeds? Met ander woorden: Wanneer er een heelal bestaat, dat ieders bevattingsvermogen te boven gaat, maar dodelijk en eenzaam is – hoe kan het dan, dat er een eiland is, waarop leven en liefde iets waard zijn? De aarde. (De woorden zijn van de Duitse theoloog Klaus Berger, die vorig jaar overleed.)

Het evangelie van Marcus haakt op deze omkering in. Hij vertelt hoe het goede, God, het kwade, Satan, overwonnen heeft en zal overwinnen. Het antwoord op de waaromvraag van het goede is bij Marcus eenvoudig te geven: Jezus, de Zoon van God, heeft het kwaad overwonnen en met hem breekt de nieuwe wereld door.

Satan
Jezus is bij Marcus de geboren vechter tegen het kwaad. De evangelist schrijft over het barre leven van Jezus dat woestijntrekken vertoont en hoe hij de verleiding van het kwaad telkens weet te weerstaan. Met andere woorden: ‘Beste lezers, Jezus, de kampioen van God zal het in de boksring van het leven gaan opnemen tegen de kampioen van het kwaad. Dat is Satan.’ En winnen! Satan gaat knock out!

Weer zo’n lastige vraag. Bestaat Satan wel? ‘Nee, alleen een goede God’, wordt er in de ene hoek van de kerk gezegd. Daar weigert men geloof te hechten aan wat men noemt een grol van carnaval. Satan, het is niet meer dan een fantasiefiguur in horrorfilms. Werk voor psychiaters. Voor de andere hoek van de kerk is Satan een realiteit. In die hoek is men uiterst beducht voor de geraffineerde schutkleur van de duivel, waardoor hij onzichtbaar wordt en mensen denken, dat de verhalen over hem fabels zijn. Kortom, de ene bidt het Onze Vader met de woorden ‘verlos ons van de boze de andere zou liever spreken van het boze.

We zijn er nog niet. Een derde en het meest schokkende antwoord op de vraag naar het bestaan van Satan geeft William Peter Blatty, de schrijver en producer van een film over duiveluitdrijving, ‘The Exorcist’. Hij schrijft: ‘Wat het bestaan van God betreft, ben ik een ongelovige.’ ‘Maar de duivel…. Tja dat is een andere zaak.’ ‘Geloof in satan ligt zo voor de hand. Hij vestigt voortdurend de aandacht op zichzelf, zo zit dat.’ Auschwitz, Sebrenica, 9/11, MH17, Bataclan….. Het grote kwaad regeert de wereld.

De evangelist Markus weigert te geloven dat het kwaad vrij spel heeft op onze planeet. De evangelist doet er alles aan om het goede nieuws te verspreiden. Jezus heeft als Gods agent Satan overwonnen. In de kerk mag het best wel eens wat blijer aan toe gaan, reageerde een gemeentelid op de online kerkdiensten. Gelijk heeft ze. Christus is overwinnaar. Christus Victor in het Latijn. Het is de naam van een oude christelijke theologie, die in de vergetelheid is geraakt. Het centrale idee is dat Jezus het kwaad heeft overwonnen!

Een gevecht
In zijn evangelie vertelt Markus hoe Jezus in de termen van strijd en overwinning zijn levenstaak vervult. In Hoofdstuk 3 staat dit kernachtig weergegeven. ‘Niemand kan het huis van iemand die sterker is dan hij zelf binnengaan om zijn inboedel te roven,’ vertelt Jezus. Hij doelt met ‘iemand die sterker is, sterker dan een mens’ op Satan. ‘Als hij die sterkere niet eerst vastgebonden heeft; pas dan kan hij zijn huis leeghalen.’ ‘Het binden van Satan,’ is de mission statement van Jezus. Hem zijn macht ontnemen. Satan was voor Jezus de samenballing van alle slechtheid in de wereld. Deze machtige tegenstander staat voor dodelijke haat tegen mensen, tegen de schepping en tegen God zelf. Satan is de verzamelnaam voor krachten van buitenaf -demonen heten ze bij Markus- sterker dan iemands goede wil, machten die een mens tot en met ten kwade kan overheersen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan een verslaafde.

De Geest van God in Jezus zoekt de confrontatie met het kwaad, de kwaden in deze wereld. Hij gaat af op bezetenheid,  vertelt het evangelie, neemt de handschoen op tegen ziekten, schijnheiligheid, uitsluiting, geweld. Zelfs neemt hij het op tegen de macht van de dood. De evangelist vertelt dat de Geest van God Jezus in de richting van Satan stoot. De confrontatie met het kwaad in de wereld is essentieel. Je kunt niet geloven en die ellende op z’n beloop laten. Wie wil weten of de Geest van God hem bezielt, kan bij zichzelf te rade gaan, hoe hij met het kwaad omspringt. Wie erop af gaat en het aanpakt, laat de juiste spirit zien.

De afloop
Markus vertelt gaan lang verhaal. ‘Veertig dagen -40 het getal van een geleefd leven, van een generatie- bleef Jezus in de woestijn, waar hij door Satan op de proef werd gesteld.’ Dat was het, zo kort, maar daar is dit verhaal dan ook een inleiding voor. In de loop van zijn evangelie zal Marcus uitgebreid aandacht besteden aan de frontale botsing tussen het Rijk van Satan en het Rijk van God. De discussies. Geld. Macht. Pilatus. Het kruis. Jezus moet een standpunt innemen. Tijdens dit treffen zal hij getest worden of hij trouw blijft aan zijn Vader in de hemel en het goede waar God voor staat. De evangelist laat  direct vanaf het begin geen twijfel bestaan over de uitkomst van het cruciale gevecht.

In het krachtenveld van bewegingen die met God meebewegen of juist Gods liefdevolle bedoelingen tegenwerken, blijft Jezus onder alle omstandigheden en onder de hoogste druk van een kruis trouw aan God, aan zijn principes, aan de liefde. In de kracht van God overwon hij het kwaad en baande een weg naar de nieuwe wereld, waar de harmonie in de schepping wordt hersteld, het paradijs terugkeert en de hemel de aarde raakt. Marcus schrijft het zo: nadat hij Satan heeft uitgeschakeld leeft Jezus te midden van de wilde dieren en engelen uit de hemel zorgden voor hem.

De machten van het kwaad gaan in de Bijbel altijd aan het goede vooraf. De Satan is de heerser over deze wereld, het rijk van God komt later, maar het komt. Zij die lijden en het kwaad niet van zich af kunnen schudden kunnen met de hulp van God het kwaad overwinnen, bemoedigt Markus zijn lezers. Let op Jezus! Maar wees realistisch. Je overwint het kwaad nooit voor altijd. Het gevecht gaat door tot de jongste dag. We hebben een lange adem nodig.

Een bondgenoot
Ik laat als samenvatting en toepassing van de preek tot slot Martin Luther King aan het woord. Hij vocht in de VS tegen het duivelse kwaad van discriminatie en rassenhaat. Die strijd gaat tot op de dag van vandaag door onder de vlag van Black Lifes Matter.King wilde dat alle mensen ongeacht hun huidskleur in harmonie en met gelijke rechten zouden samen leven. Dat was zijn droom.

De strijdbare Maarten Luther King sprak in de lijn van de evangelist Marcus het volgende:
‘Het vertrouwen, dat God zich al heeft begeven in de strijd tegen de machten van het kwaad geeft ons moed in onze worsteling met het kwaad in onze dagen. We weten dat God aan onze zijde meestrijdt in onze strijd om de machten van het kwaad te verslaan. Juist wanneer het kwaad zijn grootste slag lijkt te winnen – de kruisdood van Christus –wordt het verslagen. De duisternis en de wanhoop van Goede Vrijdag moeten plaatsmaken voor de triomf van Pasen.’ ‘Want,’ merkt Martin Luther King op, ‘zonder zo’n geloof zullen onze grootste dromen, die van het Koninkrijk van God,  die van het paradijs waar de leeuw bij het lam verkeert, en de jongeling bij het hol van een adder speelt, stilaan tot stof worden.’

We hebben een Bondgenoot!

Ds. Bert van der Linden

 

 

Geef een antwoord