WAAR STAAT HET KRUIS OOK AL WEER VOOR?

Het kruis is een wijdverbreid symbool van christenen. Als sieraad aan een ketting, als houten of stenen voorwerp in huis, als afbeelding op een T-shirt en ga zo maar door. Niet iedereen communiceert hier hetzelfde mee, maar christenen geven daarmee aan, dat ze zich verbonden weten met Jezus. Of sterker nog: dat ze hem als Heer volgen.
In het slot van de brief aan de Galaten, dat Paulus nadrukkelijk eigenhandig en in grote letters schrijft, staat het kruis centraal. Paulus noemt de gekruisigde Jezus Christus bepalend voor wie hij is en voor zijn werk. Christus, die het kruis op zich heeft genomen, heeft hem bevrijd van het kruis van een wettisch geloof. Door de preek en het avondmaal zal hét icoon van het christendom worden neergezet met de bedoeling, dat we de stelling aandurven: ‘Maar ik – ik wil me op niets anders voorstaan dan het kruis van Jezus Christus, onze Heer.’ (Galaten 6 : 14)

Lezen: Galaten 6 : 11 – 18
‘ Maar ik – ik wil me op niets anders laten voorstaan dan het kruis van Jezus Christus, onze Heer’

Galaten 6 : 14

De kwestie
Paulus dicteert zijn secretaris een brief voor de kerkgangers in Galatië in het huidige Turkije. Hij schrijft niet zelf. Daar heeft hij een mannetje voor. De apostel behandelt een heet hangijzer. De verhitte discussie gaat over de zin of de onzin van de ‘berit milah’, de besnijdenis. Collega-predikers van Paulus beweren dat onbesneden christenen net als Joden het hele pakket aan religieuze regels moeten overnemen, inclusief de besnijdenis. Zij zijn voorstander van het ‘gij zult!’ van de Joodse ge- en verboden voor iedereen.
De Galatische christenen tonen zich gevoelig en willen ‘de moheel’, de besnijder, uit de synagoge al naar de kerk laten komen. Paulus, van oorsprong een Joods religieuze wetgeleerde, reageert als door een wesp gestoken. Gepassioneerd en allergisch voor een evangelie, dat een mens het juk van religieuze regels oplegt, grist hij bij wijze van spreken de rieten pen uit de hand van zijn secretaris voor het schrijven van de laatste zinnen van de brief. In eigenhandig geschreven koeienletters wil hij de kerkgangers in Galatië nadrukkelijk afhouden van een stomme en achterhaalde move: de last van een wettisch geloof. ‘U ziet het aan de grote letters: ik schrijf nu eigenhandig.’ lees je in de laatste bewogen alinea van zijn brief aan de Galaten. Hij komt met een alternatief. ‘Maar ik – ik ga op niets anders prat dan op het kruis van Jezus Christus onze Heer.’ De besnijdenis heeft het dankzij Paulus niet gered in de kerk. Het symbool van ons geloof is niet dit ritueel, maar het kruis geworden.
Achter het stukje brood en het slokje wijn van het avondmaal staat het kruis als hét icoon van de onvoorwaardelijke liefde van God, die de gekruisigde Jezus tot uitdrukking brengt. ‘En hierin is Gods liefde ons geopenbaard: God heeft zijn enige Zoon in de wereld gezonden, opdat we door hem zouden leven,’ schrijft een andere apostel, Johannes. We leven van de liefde, niet van regels.

Protestants kruis
Ds. Jan-Gert Heetderks, de eerste preses van de synode van Protestantse Kerk in Nederland, legde enkele jaren geleden in De Haven uit wat volgens hem het kruis betekent. Hij gaf toen antwoord op de vraag naar het bestaansrecht van het protestantisme, als één van de varianten van het christelijk geloof.
Het kruis, dat ons verbindt met Jezus, met elkaar en niet te vergetenmet alle christenen ter wereld, legt een fundament van vertrouwen onder onze voeten in leven en in sterven, zei hij. Met de regels uit de Bijbel is op zich niets mis. Maar de grond van ons vertrouwen in God ligt gelukkig niet in de perfecte naleving van de ge- en verboden. Je moet dit! Je zal dat! Waanzin! Wie krijgt dat tot in de kleinste lettertjes voor elkaar? Nee, we hoeven onszelf niet als goeie mensen te bewijzen bij God door de Tien Geboden nauwgezet na te leven. Aan elke inspanning van onze kant gaat het jawoord van de liefde van God vooraf, een liefde die je afleest aan het kruis. Nog een keer die mooie woorden van Johannes: ‘En hierin is Gods liefde ons geopenbaard: God heeft zijn enige Zoon in de wereld gezonden, opdat we door hem zouden leven,’ schrijft de apostel van de liefde over de genade, die voor en ondanks alles wat wij presteren naar ons toe komt, een voorkomende genade. Je mag leven, je kunt sterven in het vertrouwen op Gods liefde. Het kruis en brood en wijn praten in die trant op ons in, op christenen, die leven in een prestatiemaatschappij en misschien ook wel een prestatiekerk: ‘Je mag er zomaar zijn, wie je bent, je mag zomaar leven voor Gods aangezicht.’ Pas op!
Dat is wat anders dan ‘Je bent voor God oké’. Paulus hanteert een tikkeltje ander mensbeeld. We zijn niet oké. Maar ook al gaat het wel eens goed mis in mijn leven, dan nog neemt God mij aan. Hij verdraagt mijn zwakheid en kwaad.
Ja, Hij vergeeft zelfs. Genade is een kernwoord bij Paulus. In de brief aan de Galaten laat Paulus het 6 keer opschrijven door zijn secretaris. De zevende keer noteert hij het in grote letters in de laatste zin van de brief als hij zijn lezers groet. ‘Broeders en zusters, de genade van onze Heer Jezus Christus zij met u.’
God houdt van ons! Geloof dat maar!

Vrij
De Protestantse Kerk in Nederland is nu al bezig met de bereiding op het Lutherjaar 2017. Als voorproefje het volgende: Maarten Luther was met de brief van Paulus aan de Galaten zeer ingenomen. Schertsend noemde hij dit schrijven zijn Katharina Bora, zijn vrouw. De brief was voor hem zo belangrijk als een vrouw. Hij was ermee getrouwd. Op serieuze ogenblikken prees hij de inhoud als de Magna Charta, als het Grote Handvest van de christelijke vrijheid.
Het kruis maakt inderdaad ontspannen en vrij, zoals het avondmaal ontspanning en vrijheid schenkt. We hoeven onze godsdienstige prestaties niet op te stapelen tot traptreden waarlangs we tot in de hemel opklimmen. God daalde in Jezus Christus af om de hemel op aarde te brengen.

Geef een reactie