Inleiding op de Schriftlezingen

Ooit deed ik mee aan een oefening waarbij we aan moesten geven welke plaats we innamen in de kerk. De trainer tekende een grote, denkbeeldige cirkel op de vloer en wij mochten daarna onze plaats innemen. Opvallend was dat vrijwel iedereen aan de rand ging staan, het midden bleef leeg. Sommige zelfs daarbuiten, andere daarbinnen. Des te opvallender, omdat het een oefening was met vrijwilligers en ambtsdragers in de kerk. Maar ook die gaven aan de rand te staan. Toen gevraagd werd naar hun beweegredenen, zei men: ‘Ik heb niet zo gelovig. Anderen misschien wel, maar ik niet. Ik twijfel vaak. Daarom sta ik aan de rand.’ Iedereen dacht van anderen dat die zekerder waren in hun geloof dan zij zelf. We lezen over Thomas die ongelovig genoemd wordt.

Lezing Nieuwe Testament: Johannes 20: 19-29

Overweging

Hij heet ook Tomas, net als de twijfelende Thomas uit het Johannes Evangelie. Hij is geboren in Praag in 1948. Hij studeerde sociologie en filosofie, verbleef korte tijd in het buitenland.  Na de tweede wereldoorlog waren de communisten aan de macht in Tsjechië. In de jaren vijftig werden mensen onderdrukt. Maar in 1968 kwam Dubcek aan de macht en kreeg het socialisme een vriendelijker gezicht. Het heette de Praagse Lente. Alleen Moskou werd ongerust en de Praagse lente werd in de kiem gesmoord. Russische tanks verschenen in de straten. Tomas Halik kwam terug naar Tsjechië. Zijn toespraak bij zijn promotie beviel de communisten niet en hij kreeg een spreekverbod. Hij werkte hij als psychotherapeut met drugsverslaafden. Ondertussen studeerde hij clandestien theologie. In 1978 werd hij in het geheim tot priester gewijd. Uiteindelijk viel de muur en kwam er ook in Tsjechië vrijheid van denken en spreken. Vaclav Havel werd president. Voor Halik ging er een wereld open. Hij had contacten met andersdenkenden en andersgelovigen uit de dissidentenbeweging Charta 77. En dat lag weer niet lekker bij de leiders van de R.K. kerk, Terwijl hij juist met hen altijd een goede band had gehad. Zo balanceert Halik tussen de onkerkelijke Tsjechische samenleving en de conservatieve Rooms-Katholieke kerk.

Tomas speelt de rol van libero in een voetbalwedstrijd. Een libero (centrale verdediger) verdedigt mee, maar moet ook een aanval op kunnen zetten. Dat vergt nog meer balbeheersing. Halik beheerst de techniek van geloof en van twijfel. Volgens hem zijn geloof en twijfel tweelingzusters, ze kunnen niet zonder elkaar. Maar twijfel is voor Halik geen twijfel aan God, maar aan wat mensen kunnen. Hij vraagt zich af of mensen om het mysterie van God kunnen bevatten en uit kunnen drukken. Ik heb het boek ‘De nacht van de biechtvader’ van hem gelezen en wil er iets van vertellen.

Als priester is Tomas Halik ook biechtvader. Hij luistert naar mensen en neemt ook de biecht af. Bij hem kunnen mensen hun verhaal kwijt en worden ze vergeven. Hij zegt: ‘Ik wil jullie in mijn boek laten weten hoe ik als biechtvader tegen de wereld en tegen mensen aankijk.’ Eén van de dingen die hij ontdekt heeft is dat twijfel bij geloven hoort. Halik is nog nooit iemand tegengekomen die niet twijfelde aan God. En als die er wel zijn, dan twijfelt Halik aan hen. Dan stoppen ze iets weg, denkt hij. Want vragen horen bij het leven. We kunnen het leven niet helemaal dichttimmeren. Onzekerheid zal er altijd blijven.

Halik heeft het ernstig aan de stok met fundamentalisten. Mensen die alles zeker weten. Hij zegt: Hun probleem is dat zij kunnen niet leven met twijfel. Dat geldt voor verstokte atheïsten net zo goed als voor verstokte gelovigen. Zij zoeken zekerheid buiten zichzelf, in opvattingen. Halik is duidelijk. Evangelisch Christendom noemt hij een religieuzen simplificatiefabriek. Het is oppervlakkig en wijst niet naar de kern en de diepte van het christelijk geloof. Halik vindt het kitsch. Hij vergelijkt het met populisme in de politiek: simpele antwoorden op gecompliceerde vragen. Het is verleidelijk, maar we moeten blijven denken. Dat is onze gelovige plicht.

Als mensen zeggen dat ze atheïst zijn, dat moet je goed luisteren, zegt Halik. Hij vraagt ze dan hoe de God eruit ziet waar ze niet in geloven. En hij antwoordt dat hij ook niet in zo’n God gelooft. Godzijdank. En, voegt hij toe, mensen verwoorden hun geloof op hun eigen manier. Vaclav Havel bijvoorbeeld had oog voor de spirituele dimensie. Hij had het over de horizon der horizonnen. Geen traditioneel beeld, maar daarom nog wel gelovig.

Halik begrijpt sommige atheïsten wel. Ze kúnnen niet geloven, vanwege het lijden in de wereld. Halik noemt dit het atheïsme van de droefenis. Zulke mensen moeten we niet veroordelen, maar omhelzen. Wij worstelen zelf immers met dezelfde vragen. Gelovig zijn betekent volgens Halik geduld hebben met God. Hem niet te snel opgeven. Mijn vraag aan Halik is dan met wie of wat wij geduld hebben als we geduld hebben met God.  Mijn antwoord is eenvoudig. Na Brussel heb ik het veel mensen horen zeggen, mensen van binnen en mensen van buiten de kerk. ‘Liefde overwint.’ God is geen opvatting, maar een ervaring, waar we zelf aan meewerken. God is geen plompverloren bovennatuurlijk feit. Maar God is mogelijkheid waaraan wij meewerken.

Halik gebruikt een mooi beeld. Hij zegt: we zijn christenen van de tweede adem. Het beeld komt uit de sport. Als je hardloopt, kun je op een gegeven moment niet meer, je bent achter adem. Maar als je met beleid toch doorzet, blijkt er ergens toch nog conditie over te zijn en kun je verder. En zo word je sterker. Crisis hoort bij het geloof. Die crisis moeten we niet wegpoetsen, maar doorleven. We moeten onze eigen geloofswaarheid ontdekken. Dat is een eenzaam avontuur. Het is belangrijk om geduld te hebben met God, zegt Halik. En, vul ik dan aan, het is belangrijk om geduld te hebben met onszelf. Daar zou weleens onze grootste twijfel kunnen zitten. Wij kunnen ons maar moeilijk voorstellen dat Gods liefde en kracht het ook in ons gaat winnen.

Ik denk dat God een zwak heeft voor mensen die met Hem worstelen. Onze vragen zijn voor het geloof een betere plek dan gesloten definities. Jezus komt na zijn opstanding speciaal nog een keer terug om Thomas te groeten. Niet om hem te bestraffen, maar om hem iets duidelijk te maken. Hij laat Thomas voelen dat wonden littekens worden. Helemaal over gaan ze nooit. Thomas raakt ze zelf aan en wordt herinnerd aan wat er fout ging. Wonden waar hij medeverantwoordelijk voor is. Maar op datzelfde moment ervaart Thomas dat Jezus aanwezig is als Heer en als God. Zijn overstelpende liefde blijft, ondanks alles wat er gebeurd is. Dit is geen bovennatuurlijk actie, maar een wonderlijke ervaring. Een levenswaarheid. Mooi eigenlijk, de kerk als littekenclub. Je hoeft niet van alles te vinden en te geloven, beetje praten over je littekens is genoeg. Over wat gewond was en wonderlijk genoeg geheeld is. Dan is de Heer zomaar aanwezig.

We hoeven onszelf nergens toe te dwingen. Twijfel is een teken van betrokkenheid. Iemand heeft de kerk van nu onderzocht en zei: Weet je wat het mooie is: dat je daar aan God man twijfelen. De waarheid wordt niet over je heen uitgestort, maar mensen zoeken samen naar antwoorden. We zijn hier niet bij elkaar om problemen op te lossen, maar om elkaar onze littekens te laten zien. Om een Geheim te delen dat er door alles heen, toch… Een probleem kunnen we oplossen, een mysterie niet. Dat groeit in ons, dat vecht in ons. Het heeft tijd nodig, geduld. Beetje voelen aan littekens, beetje letten op signalen. Zo ervaren we dat het goed is, ondanks en dankzij alles.

Als we het over de kerk hebben en onze betrokkenheid moeten we misschien niet in een cirkel gaan staan. Dan voelt iedereen zich buiten staander. Maar wat als we ‘Over de streep’ gaan doen, samen met Arie Boomsma. Iedereen die weleens somber wakker wordt, ga naar de andere kant. Iedereen die baalt van boze gedachtes in zijn hoofd, loop naar de overzijde. Iedereen die twijfelt aan zijn uiterlijk, kom erbij. Daar aan de overkant wordt het heel gezellig. En heel licht en gezellig. We leren elkaar dat we goed genoeg zijn. God stemt daarmee in. Die twijfelde daar al nooit aan. Amen.

Bron: Tomás Halik, De nacht van een biechtvader. Christelijk geloof in een tijd van onzekerheid.

Geef een reactie