Hoe kun je de moed niet verliezen bij alles wat er in de wereld gebeurt? (preek Gedachteniszondag 22-11-15)

Tekst: Psalm 121 en Johannes 14: 1-6,15-18,27

kaarsjeDeze zondag, op de laatste zondag van het kerkelijk jaar, gedenken we de mensen die we moeten missen. Dit kerkelijk jaar sluiten we heel anders af als gemeente dan vorig jaar. Dit jaar waren er geen overlijdens in de gemeente. Toch hebben we veel mensen moeten missen dit jaar, mensen die binnen onze eigen familie- en vriendenkring overleden, en mensen die we nog steeds missen en voortleven in onze herinnering. Ook zijn we dit jaar geconfronteerd met veel verhalen en beelden van mensen, vrouwen, mannen en kinderen, die op de vlucht overleden, vaak naamloos, in de storm van alle geweld. En er waren veel slachtoffers van terreur, dichterbij in Europa, Parijs, en verder weg. Voor wie steek jij een kaarsje aan? Deze zondag gedenken we de mensen die overleden zijn. Omdat God de bron van leven is en blijft, door de dood heen.

Waar gaat het heen? Waar gaan we heen? Elke gebeurtenis, waarbij een mens het leven laat, of de dreiging daarvan voelt; elke keer, wanneer een mens het levenseinde ziet en voelt, vragen we ons af: waar gaat het heen? Waar gaan we heen?

Een overlijden kan een afsluiting zijn van een langer of korter ziekbed. En elk ziekbed kent zijn eigen karakter: rustig, of juist heel grimmig, langzaam maar zeker, of heel agressief. En elk mens ervaart het anders. Zo’n afsluiting van een leven met iemand is ook een afsluiting van een periode in je leven, en een afsluiting van een relatie. Als echtgenoot, als kind, als vriend, als gemeentelid. Een afsluiting daarmee ook van alles wat er gebeurd is in die relatie. Van wat je in de verbondenheid allemaal met elkaar beleefde. Met wat onuitgesproken blijft of toch nog uitgesproken is. Of wat nu eenmaal zo was, en nooit verder zal helen. Of vol dierbare herinneringen en afgerond, samen, hoe pijnlijk ook het gemis is. Je voelt bij die afsluiting hoe definitief het is. En met wat er over is, en met wie er over zijn kun je denken: waar gaat het heen? Waar gaan we heen?

Dreiging

Dreiging roept die vragen ook op. Waar gaat het heen? Waar gaan we heen?

De dreiging van je eigen levenseinde, bij een plotselinge uitslag in het ziekenhuis, onverwacht, of toch eigenlijk niet helemaal voor onmogelijk gehouden; zo’n uitslag zet je leven op z’n kop, ook als het jezelf niet betreft, maar een dierbare. Met alle onzekerheid: wat gaat er komen, hoe zal het gaan, en wat komt er van ons terecht?

Dreiging voelen mensen ook door de terroristische aanslagen die er zijn. De aanslagen vorige week in Parijs deden voelen dat het ook hier zou kunnen gebeuren. Als het zo dichtbij komt is het begrijpelijk dat het meer aandacht krijgt dan aanslagen verder weg. Zo werkt het overal. Maar het mag niet leiden tot selectieve solidariteit; wel een wereldwijde minuut stilte voor Parijs, maar niet voor de slachtoffers in Beiroet, Mali, Syrië, Irak en zoveel andere plaatsen.

Niet afsluiten

Dat besef, dat er een wereldwijde dreiging is, maakt de dreiging wel ongrijpbaarder. Want dat betekent dat er geen oplossingen zijn op onze eigen vierkante kilometer. En dat het niet helpt om grenzen af te sluiten, de luiken dicht te doen, want dat is net zoals een kind je handen voor je ogen doen, en denken dat het er dan niet is. Dat is begrijpelijk als je bang bent, want: waar gaat het heen? Waar gaan we heen?

Terrorisme vallen onze waarden aan

De wereld is er niet overzichtelijker op geworden. De wereld waarin we in eigen land aan gebouwd hebben, hebben we gestoeld op waarden van een menswaardig en voor gelovigen ook een Gode welgevallig leven. En daarin kunnen we met elkaar verschillen van mening over wat de consequenties daarvan zijn. Welk beleid je voert. En daar voeren we dan het debat over. Maar wanneer die waarden met voeten worden getreden, nee zelfs worden aangevallen, dat zet ons dat onder spanning.

Het zaaien van angst is hét doel van terrorisme. Daarom heet het ook terror-isme, van het Latijnse woord voor angst. En hoe eensgezind we ons ook niet uit elkaar laten drijven, de angst zit er toch diep in. Vanwege de bruutheid, en de ongekende willekeur. Natuurlijk, er zijn veel meer dreigingen in het leven. Iemand maakte de vergelijking dat je meer kans hebt om in het verkeer om te komen, dan door een terroristische aanslag. Nou, gelukkig maar, denk ik dan. Maar angst is niet met cijfers gerust te stellen. Sterker nog: de angst is te verklaren. Want wat gebeurt er bij dergelijke aanslagen? Onze waarden worden aangevallen. En onze waarden geven zin aan het leven. Daarom leven we zo, en daarom gaan we zo met elkaar om. Als onze waarden worden aangevallen, voelt dat zo zinloos. En zinloosheid maakt angstig. Want waar gaat het heen dan? Waar gaan we heen?

Een vreemde ontmoet je pas door bij je bron en waarden te blijven

Angst voor andere waarden speelt ook mee in het vluchtelingenvraagstuk. Natuurlijk, het zijn mensen. Net als wij. En zeker in die kinderen schuilt toch geen kwaad? Maar als de wereld zo op drift is, en driftig is op elkaar, dan moeten we ook erkennen dat we wel een manier moeten zoeken om ons staande te houden. Dat solidariteit niet vanzelfsprekend is. Het is helemaal niet egoïstisch om allereerst zelf overeind te willen blijven. Maar dan niet om alles voor jezelf te houden, of dat het allemaal op jouw manier moet gaan. Maar om je eigen waarden overeind te houden. Want je kunt er pas echt voor een ander zijn en hem pas echt ontmoeten, als je vanuit je eigen bron spreekt en handelt. Die ander is iemand, met zijn waarden en achtergronden. Maar jij ook. En de enige manier om in een woeste wijde wereld te overleven is trouw te blijven aan je eigen bron. Dat is namelijk de bron van jouw leven, de bodem onder jouw bestaan. De bron ook van waaruit je iemand kunt ontmoeten; dan ben je zelf ook iemand. En vanuit die bron kun je vervolgens heel ver gaan in solidariteit en gastvrijheid. Maar die bron schept ook het kader, en dus de grenzen. Net als bij sporten, waar zonder lijnen geen speelveld is. En net als een huis, waar een steigerhouten bord in 13 verschillend lettertypes hangt met: In dit huis, en dan een aantal regels.

Wees niet ongerust?

‘Wees niet ongerust’ zegt Jezus. Mooi gezegd, denkt Thomas. Maar angst laat zich niet bedwingen. De dreiging is voelbaar dat Jezus er straks niet meer is. En dan? Waar gaat het heen? Waar gaan we heen? Hoe vind je een weg als je niet weet waar het heen gaat? En waar we heen gaan? Hoe kun je moed vinden, als je niet weet waar je leven op uitdraait, waar je daarna naartoe gaat, waar je geliefde blijft, en als je niet weet wat het wereldwijde rumoer in jouw leven gaat betekenen?

‘Ik ben de weg, de waarheid en het leven’ zegt Jezus. Woorden die gebeiteld zitten in vele hoofden, op muren en stations. Woorden die heel bombastisch klinken als je ze op zichzelf leest. Dé weg, dé waarheid en hèt leven. Maar we zoeken toch een weg, waar het en waar we heen gaan? We zoeken toch waarden, die het leven waardevol en zinvol maken? We zoeken toch het leven, en een bron waaruit we kunnen leven?

We blijven staan voor de waarden van het Evangelie

Onze landelijke scriba zei vorige week na de aanslagen in Parijs: We blijven het evangelie verkondigen. Dat is niet omdat we oogkleppen op moeten zetten en willen doen alsof er niets aan de hand is. Of omdat we de rol van religie in geweld zouden willen negeren. Dat is omdat we aandacht willen houden voor onze bron. Voor de goede boodschap van Jezus, die de weg, de waarheid en het leven is. Het is soms niet makkelijk, ook niet bij uitvaarten, om te blijven spreken van de goede boodschap van Jezus. Net zoals het moeilijk is om te blijven bidden als je de dreiging voelt van ziekte, aanstaand gemis, of het daadwerkelijke gemis. Maar iets anders is er niet. Wat er gebeurt kan je verstommen. Maar we blijven het Evangelie verkondigen, omdat dat de bron van onze hoop verwoordt.

Houd de hoop vast

En Jezus is die hoop. Hij spreekt hier ook niet zomaar. Hij spreekt aan de vooravond van zijn eigen levenseinde. Hij heeft die weg gebaand. Hij is die weg gegaan. En daarom zijn zijn woorden van betekenis, en hoopvol. ‘Wees niet ongerust. Ik laat jullie niet als wezen achter, ik kom bij jullie terug. Ik laat jullie vrede na; mijn vrede geef ik jullie, zoals de wereld die niet geven kan. Maak je niet ongerust en verlies de moed niet.’

Geef een reactie