GA MET GOD!

In de overstapdienst van aanstaande zondag nemen Christiaan Dankmeijer, Mats den Engelse, Matthijs Heurter en Iris Sterrenburg afscheid van de basiscatechese. Met hen en hun ouders kijken we in de toekomst. Of de Here God met Christiaan, Mats, Matthijs en Iris mee wil gaan op hun verdere levensweg, is voor het geloof geen vraag. Het verhaal over de Jakobsladder vertelt over een God die aan mensen verschijnt. Hij belooft hen altijd nabij te zijn. Het lied ‘Ga met God!’ geven we als zegen aan de jongeren mee. God kwam lang geleden in een droom naar Jacob toe, vertelt de Bijbel. Boeiend is de vraag of Hij hier en nu nog altijd aan mensen verschijnt, op welke manier dan ook. Reken maar van wel! Verhalen te over

Lezing: Genesis 28 : 10 – 29 : 1

De Heer zei: ‘Ik ben de Heeer, de God van Abraham en van Isaak.’

Genesis 28 : 13

Een ontmoeting met God?
God komt in een droom naar Jacob. Ineens staat op die droomplek de God van zijn vader en moeder. ‘Jacob….!’ Wie zou er niet zo’n wonderlijke ontmoeting met de bewoner van de hemel willen hebben? Maar, ja, dat je God onverwacht tegenkomt, dat je hem die onzichtbaar is, toch op de een of andere manier ziet, voelt, hoort, gebeurde alleen vroeger, denken wij. Minstens 2000, 3000, 4000 jaar geleden. Dat komt alleen in Bijbelverhalen in. Nu allang niet meer.
‘Nee, helemaal niet beweert,’ Peter Roelofsma. Peter Roelofsma geeft les in Amsterdam op de universiteit. God heeft enkele jaren geleden met Peter contact gezocht, net zoals vroeger met Jacob. ‘Toen het gebeurde was ik er ondersteboven van,’ vertelt Peter. ‘Ik werd een ander mens.’ Hoe de ontmoeting tussen God en Peter plaats vond ga ik je nu vertellen.

Op zoek
Peter is niet christelijk opgevoed, ik ging als jongetje nooit naar de kerk,’ vertelt hij. ‘Wel ging ik naar een christelijke school. In de eerste klas had ik een juf die in God geloofde. Enthousiast vertelde ze de verhalen uit de Bijbel. Hoe God op bezoek ging bij Abram, Mozes, Samuël, Paulus en bij Jacob. De juf vertelde er zo echt over, zo eerlijk, het kwam zo dichtbij, het was zo mooi, dat ik ook wel net als die mensen uit de Bijbel contact met God wilde hebben. Wie niet? Ik had geen idee of dat nog kon en zo ja, hoe dat dan ging. Ik bad erom. Maar dat leek niet veel te helpen. Vanaf de tweede klas kreeg ik leerkrachten, die niet zoveel met God hadden, en van wie ik in dat opzicht niet veel wijzer werd. Toen raakte ik geboeid door die gebouwen, weet je wel, met een toren en een haan, een kruis erop. De kerk. Misschien woont God in de kerk en zou ik hem daar kunnen ontmoeten,’ dacht Peter Roelofsma.

‘Ik werd 12 jaar en mijn nieuwsgierigheid werd me te sterk. Op een zondagmorgen, toen mijn ouders uitsliepen, sloop ik het huis uit op zoek naar een kerk. Ik wist er een paar te staan in het centrum van Leeuwarden. Daar woonde ik toen. Meteen de eerste kerk, die ik zag, was open. Twee dames bij de ingang heette mij vriendelijk welkom. Toen kregen ze door dat ik alleen was.
Ze stuurde me als echte uitsmijters weg: ‘Je moet je vader en moeder meenemen. Kom dan maar terug.’ Toen ik teleurgesteld weer naar huis liep, gaat Peter verder, zag ik nog een kerk openstaan. Dit keer zonder welkomstdames. Ik kon zomaar naar binnen. En ik ging er naar terug. Het boeide mij. Het ging over het grote geheim, over het mysterie, over God, die je niet ziet, maar waar wel over wordt verteld. Mijn belangstelling groeide. Vier jaar lang bleef ik op zondagmorgen om negen uur naar die kerk gaan, zonder dat mijn ouders er iets van merkte of iemand in de kerk er iets over zei. Toen sprak de voorganger mij aan. Ik vroeg hem of hij God wel eens had ontmoet.
Wat denk je? Tot mijn grote teleurstelling antwoordde hij: ‘Nee, nooit.’Hij ontkende zelfs dat het mogelijk was God te ontmoeten. Hij zei: ‘Dat gebeurde alleen vroeger, vroeger in de tijd van de Bijbel.’ De pastor waarschuwde mijn ouders over mijn geheime kerkbezoek. Ze namen het sportief op. ‘Geen probleem, maar nu is het welletjes. Mijn vader zei: ‘Je moet God maar in jezelf zoeken. In je eigen kracht.’ Maar de Bijbel vertelde volgens mij dat het toch anders zit.’

Intermezzo
Peter vertelt verder. ‘Zo af en toe bleef ik daarna naar de kerk gaan. Ik bleef bidden om een ontmoeting met God. Jammer, ’t gebeurde niet. Ik ging studeren. Psychologie. Tijdens de studie raakte dat verlangen naar God op de achtergrond. Ik moest mij met andere zaken bezig houden. Ik schreef een boek, werd wetenschapper en bezocht overal op de wereld bijeenkomsten. Ik ging maar door met studeren en het schrijven van boeken over psychologie. Maar ik twijfelde of al dat werk mij wel zo gelukkig maakte. Wat heb je eraan? ‘Waarom heb ik eigenlijk mijn zoektocht naar God opgegeven,’ vroeg ik mij af.’
En toen gebeurde het! Peter vond zijn droomplek.

Ontmoeting met God
Ik moest voor een bijeenkomst van allemaal professoren en andere geleerden naar Londen. Ik kon het laten om op zondagmorgen toch maar weer een openstaand kerkje binnen te wandelen. Het ging er levendig aan toe. Het ene lied na het andere werd gezongen. Bepaalde liederen vond ik niet mooi. Die weigerde ik mee te zingen. Plots overkwam mij iets ongelofelijks: Ik zag een licht, een groot helder licht van boven komen. Prachtig! Maar ik werd er ergens ook bang van. Door dat overweldigende licht zakte ik als vanzelf door mijn knieën. Ik merkte dat er tranen over mijn wangen rolde. Ik zag mijn leven als een film aan mij voorbij komen. Ik moest eraan denken dat ik fouten had gemaakt, grove fouten. Ik had dingen die ik eigenlijk had moeten doen, nagelaten en dingen die ik eigenlijk niet had moeten doen, juist gedaan.
Door de ogen van mensen leek ik een succesnummer. In de ogen van God zag ik er totaal iemand anders uit. Ik voelde mij niet fijn. Schuldig. Ik bad God om vergeving voor de keren dat ik mensen tekort had gedaan. Toen voelde Hem heel dichtbij. Dat gaf troost. Ik ervoer liefde. Ik zag de dingen zoals ik ze nog nooit gezien had. Ik dacht aan Jezus Christus en vergeving. Wat mij overkomen is daar en toen in die Londense kerk, dat draag ik altijd bij mij.’ Het was een echte droomplek voor Peter. Zo mooi! ‘De ontmoeting met God veranderde mijn leven totaal.’ Ik werd ander mens. Gelovig natuurlijk en ik wilde ook met dat geloof bezig zijn.’ Peter Roelofsma geeft nog altijd les aan zijn universiteit in Amsterdam. Maar als het lunchtijd is gaat hij een keer per week naar de kelder.
Met studenten zoekt hij dan naar God in het gebed. Tot zover over God in de hemel die zich in een prachtig licht aan Peter op aarde liet zien.

Soms maar even
Wat hem overkwam, komt niet vaak voor. Licht, intens licht. Wie heeft het meegemaakt! Mensen die op zo’n bijzondere manier God ontmoeten, die zijn echt zeldzaam. In de Bijbel kom je ze tegen. Jacob bijvoorbeeld. Hij had een bijzondere droom. God kwam erin heel dichtbij. Veel meer mensen vertellen dat God een kleine stukjes van zichzelf aan hen heeft laten zien. Een puzzelstuk van de grote puzzel die God is. In een kerkdienst voelden ze iets van God. Toen ze een mooi verhaal uit de Bijbel hoorden. Een stukje uit de preek. Een lied.
Een fijn gesprek over het geloof. Enkele weken geleden was ik bij jullie in het Anker. Weet je nog? Over de hele lengte waren op het kastenblok in de jullie ruimte grote tekenvellen bevestigd. Dat moest de Wall of Wonder voorstellen.
De muur van verwondering. Jullie waren er, Mats, Matthijs, Christiaan en Iris en een van jullie ouders was aanwezig. Toen vroeg ik aan jullie: denk eens aan een moment kortere of langere tijd geleden, dat indruk heeft gemaakt, dat je mooi vond, fijn. Je bent het nog niet vergeten. Dat moment moet wel met God, de kerk, de Bijbel, het geloof te maken hebben. Schrijf waar je aan denkt op een post it briefje en plak het op de Wall of Wonder. Er stond op: ‘Dat ik voor mocht lezen bij mijn communie.’ ‘Onze oecumenische kerkviering tijdens ons huwelijk.’ ‘Gezamenlijke broodmaaltijd na de kerstnachtdienst bij oma.’ ‘Dat ik gedoopt ben.’ ‘De eerste keer dat ik hoorde hoe de aarde in elkaar zit.’ ‘Dat ik bij de doop van Faas, Boets en Pam was.’ ‘Ons trouwen.’ ‘Mijn doop.’ ‘Dat mama mij op moest komen halen van de crèche, toen ik huilde.’ ‘Doopdienst Rick en Iris.’ ‘Kerkdienst met trouwen.’ ‘Trampolinespringen met gebroken been.’ ‘Doop van onze kinderen.’ Wat jullie opschreven dat lijken gewone dingen. Helemaal niets bijzonders. Maar waarom zouden het ook niet kleine beetjes ontmoeting met God zijn? Het zijn puzzelstukjes die we bij elkaar kunnen leggen, zodat we samen meer van God afweten. Een stem zul je toen niet gehoord hebben. De woorden die erbij horen zal ik je nu meegeven.
Het zijn dezelfde soort woorden als die Jacob, die dacht helemaal alleen op reis te zijn, eigenlijk op de vlucht voor zijn broer, meekreeg van de Here God: ‘Ik zal bij je zijn. Ik zal je beschermen, overal waar je heen gaat. Ik blijf bij je.
Dat heb ik beloofd en dat zal ik doen.’ Zo’n plek waar God dit tegen je zegt en je merkt dat Hij er is, dat heet een droomplek.

Geef een reactie