BEN IK JOUW JEZUS NOG WEL?

 In de Matteüsviering loopt het lijdensverhaal van de evangelist Matteüs als een rode draad door de viering. Het begint met de zalving en eindigt met de wachters bij het graf. Climax vormt het sterven van Jezus. De paaskaars wordt gedoofd en er is een moment van stilte. De verhaallijn wordt verweven met enkele korte meditaties naar aanleiding van zeven schilderijen, die speciaal voor Goede Vrijdag zijn geschilderd door gemeenteleden. Het ensemble s’OTTOvoces zal de viering muzikaal omlijsten met korte stukken uit de Matthäus Passion van Johan Sebastiaan Bach.

Lezingen: Matteüs 26 en 27

Verborgen God,
een mens in dodelijke verlatenheid,
 een Man van smarten
stelt Gij ons tot levensteken.
Wij bidden U omwille van zijn lijden:
sterk ons in het geloof
dat Gij ons niet alleen laat,
dat wij ons kunnen verlaten op U
bij alles wat ons overkomt,
vandaag en tot het einde van onze dagen.

 

1. DE VROUW

En toen was er ineens die vrouw tussen al die mannen.
‘Een vrouw.’
Naamloos.
Haar paspoortgegevens gaan schuil achter wat ze doet.
Eén en al dienende zorg.
Je zou ze zomaar vergeten.

Ze zalft Jezus overvloedig met zeer kostbare olie uit een albasten flesje.
‘Door die olie over mij uit te gieten, heeft ze mijn lichaam voorbereid op het graf,’
duidt Jezus haar dienstbetoon.
Met de zalving stapt de vrouw in de traditionele rol op die bij haar vrouw zijn hoort.
Vrouwen zijn het die de rituelen rond een begrafenis uitvoeren.

Aan de andere kant breekt ze totaal met het conservatieve rolpatroon,
als ze Jezus’ hoofd zalvend,
hem tot Koning bij de gratie Gods wijdt.
Het waren altijd mannen
profeten of priesters
die een het Koninklijke zalvingritueel uitvoerden.

Er breekt een andere tijd aan na Goede Vrijdag .

Voorlopig stuit haar daad echter nog op kritiek bij de mannen.
Die maken zich vooral druk over het geld.
In tegenstelling tot de vrouw blijken de mannelijke volgelingen van Jezus nog niet over het juiste inzicht te beschikken.
Dat deze vrouw dit inzicht wel heeft en op grond daarvan het goede doet,
mag best iedereen altijd en overal weten. Ze mag niet vergeten worden.
‘Truus den Rooijen heeft weet van haar, schilderde de vrouw en voorzag het doek van commentaar:

‘Ze wordt door mannen terechtgewezen, maar wanneer je doet wat je hart ingeeft, zal dat niet verkeerd zijn, wat anderen er ook van zeggen.’

 

2. JUDAS

En toen was er een man: Judas Iskarioth.
Judas speelt in de geschiedenis tussen God en mens
de meest verfoeilijke rol die je maar kan bedenken, vinden wij.
Nota bene als één van de vertrouwelingen van Jezus
verraadde hij uit hebzucht
de meest liefdevolle mens
ooit op aarde rondgelopen,
met een valse liefkozing: de judaskus.
Hij leverde Jezus over aan een corrupte bende en moordenaars,
waardoor hij medeplichtig werd
aan het breken van het lichaam van Jezus
en zijn bloed dat wordt vergoten
aan een kruis.

Judas staat voor verraad, valsheid, hebzucht en een tragedie.
Geen ouder wil zijn kind naar hem noemen.
Geen dominee wil zijn naam laten klinken bij het doopvont.
Kunstenaars beelden hem af met een afstotelijke tronie, vaak met kromme neus.
Het is een schurk.

Judas staat ook voor een mysterie.
Achter zijn naam staat een groot vraagteken.
Waarom toch?
Was hij misschien Gods uitverkorene
om een kettingreactie van gebeurtenissen in gang te zetten,
die zouden leiden tot het grootste goed voor de mensheid?
Offert hij zich op om de verlossingsdaad van zijn meester te trickeren.
‘Judas’ verraad is daarom een ‘gelukkige’ misdaad,’ durfde iemand te schrijven.
God gaat zijn ondoorgrondelijke gang door zelfs zonden,
mijn zonden
ten goede te laten keren, zegt Augustinus.
Hij kan uit duisternis, licht putten, uit pijn, vreugde …..

Heeft Judas nog aangezeten aan het laatste avondmaal en brood en de beker wijn uit de hand van Jezus ontvangen en tot zich genomen?

Verbroken en vergoten tot een verzoening van al onze zonden.

 

3. DE DISCIPELEN

Mannen.
Ja, mannen.
Jezus was naar de Olijfhof gegaan om kracht te halen uit het gebed
in het besef
dat hij aanstonds verraden zou worden,
gevangen genomen,
en aan het kruis zou eindigen.

‘Ik heb geprobeerd’, vertelt Hannie van Dongen, ‘de dreigende sfeer in de bomen weer te geven en ook de boom rechts als symbool in het kruis te laten eindigen. De rode accenten geven het sterven aan het kruis weer. De takken strekken zich om hulp uit naar de hemel.’

Drie dye hearts,
Petrus, Johannes en Jacobus,
zouden in Getsemane dicht bij hem blijven
en met hun diep bedroefde meester waken.
Er voor hem zijn.
Trouw.
Hij zonderde zich een steenworp af,
ging door de knieën
en bad
in overgave
tot zijn Vader in de hemel.
‘Vader, als het mogelijk is, laat deze beker dan aan mij voorbijgaan! Maar laat het niet gebeuren zoals ik het wil, maar zoals u het wilt.’

Hij liep terug naar zijn drie vrienden en zag dat ze slapen.
Wat moet Jezus zich eenzaam hebben gevoeld! In de steek gelaten!

‘Maar toch wilde ik het schilderij niet in donker of zwart laten overkomen. In het evangelie van Lucas staat dat aan Jezus een engel uit de hemel verscheen om hem bij te staan en kracht te geven.’
‘In zijn eenzaamheid, door zijn mensen verlaten, angstig, in pijn, mag hij de nabijheid ervaren van een engel, wie of wat die engel ook was.’

Een vrouw, een man, een kind, u, jij?

 

4. PETRUS

Weer een man. Wat voor een man? Een haantje.
Mensen lijken soms op hanen. Petrus bijvoorbeeld.
Een prachtige kerel, een leider.
Fier en trots stapt hij in de groep voorop achter Jezus aan.

Toen Jezus op weg ging naar de hof van Gethsemané,
waar Hij gevangen genomen zou worden,
had hij zijn twaalf volgelingen voorzegd:
‘Als de gewapende bende komt om mij te arresteren zullen jullie vluchten en mij afvallen.’
‘Ik niet,’ pochte Petrus, ik ben anders!’
‘Misschien zal iedereen u in de steek laten, ik nooit beweerde hij vol zijn van eigen voortreffelijkheid.
‘Ik verzeker je: deze nacht zul je, nog voor de haan kraait mij driemaal verloochenen,’ zet Jezus hem op zijn plaats.
‘Er zijn een paar dieren die heel trots lopen,’ staat er in het wijsheidsboek Spreuken.
‘De leeuw, de koning van de dieren,
die voor niets en niemand bang is.
de bok
en de trotse haan
‘Het is dom om op te scheppen over jezelf,’ geeft Spreuken levensles.
‘Doe het niet, houd je in!’
Wees geen haan!
‘Het loopt anders slecht met je af.’
‘Wees bescheiden en beroem je niet op voortreffelijkheid!’
Voordat de haan gekraaid heeft, gaat Petrus voor de bijl. Hij verloochent Jezus. ‘Die figuur, daar heb ik niets mee!’ vloekt en zweert hij zich los van zijn belagers en van Jezus.
Hanen maken in de Bijbel mensen wakker. Letterlijk.
Hanen schudden mensen wakker uit hun te mooie droom. Figuurlijk.
Als de haan kraait beseft een berouwvolle Petrus wat hij gedaan heeft.
Het is de ook vogel,
die het licht aankondigt
als het nog donker is.
Hij herinnert mensen aan de kracht van het leven en het licht
dat sterker is dan de dood en de duisternis.

 

5. JEZUS

Sorry, is dat Jezus?
Dat is geen man, maar een worm.
Moet dat mijn Heer en Heiland voorstellen?
De Zoon van God?
Die kop met kroon op purperen romp, zo mismaakt.
Waar zijn de lange blonde, haren met mooie golvende slagen gebleven?
Afgeknipt
en zwart
als die van een Jood.
Had een langere baard van hem geen mooie mijnheer mogen maken?
Niet zo’ aangevreten ding aan kin.
Had hij dan geen blauwe ogen,
zoals veel mensen van onze sterke soort?
Geen ranke, blanke hals?
Hij staat daar nu te staan
onder de steeds herhaalde slagen
van een stok
ineen gedrukt, gekrompen, verlaagd
onder de zwaartekracht van zoveel lijden.
En dan die ogen onder zware wenkbrauwen op een ziekelijke kleur huid.
Noem je die blik goddelijk of van een kindervriend?
Ga toch weg!
De bloeddoorlopen ogen
naar binnen gekeerd weggekropen
bijna stil gezet
verraden pijn.
Deze kop op romp
deze zogenaamde koning
met doornenkroon
niet om aan te zien
vraagt aan de toeschouwer uiteraard op veilig afstand:
‘Zie je mijn lijden? Het is afstotelijk. Zie je wat ik moet doorstaan? Het is vreselijk lelijk.
Kun jij er wel tegen?
Wat gaat er nu door je hoofd en hart?
Dit deed ik voor u!
Ben ik jouw Jezus nog wel? Wat ga je roepen straks als antwoord op de vraag van Pilatus?

 

6. GOD

Nu is God aan zet.
Hoe reageert de hemel op de toegetakelde gekruisigde
die met luider stem
zijn laatste adem uitblaast?
‘Vader, in uw handen beveel ik mijn geest!’

Als een duif vliegt zijn geest hemelwaarts, verbeeld het schilderij van Toos Fennema.

De Vader pakt op het moment dat zijn zoon sterft verbluffend uit.
Hij grijpt het voorhangsel voor het heilige der heilige in de tempel
bovenaan vast
en scheurt het naar beneden open.
Zo vertelt de evangelist.
Met goddelijk vandalisme ontregelt Hij met één ruk een tempeldienst met bloedige offers aan de lopende band.

Wat wil dit toch zeggen?

‘Jezus heeft door zijn opofferende liefde eens en voor altijd de directe toegang naar God vrij gemaakt.’ Offers, achterhaald.

Het ingrijpen van de Vader in de hemel doet bovendien de aarde beven en scheuren, verkondigt de evangelist.
Rotsen splijten onder zijn kracht.
Doden komen dien ten gevolge uit hun geopende rotsgraven tevoorschijn.
De hemel reageert op Jezus’ dood met een staaltje machtsvertoon.
God wekt doden op. Hij maakt de dood morsdood.

Beschouw vanuit het perspectief van God de dood van Jezus niet als een drama.
Het evangelie is geen Griekse tragedie.
Jezus dood is niet het einde van de wereld,
maar een veelbelovend begin van heil en zegen.
Twee zinnen uit Lied 412 vatten het goddelijk gezichtspunt hoopvol samen:

‘Gij hebt aan ’t kruis voor ons de dood zijn macht ontnomen
en ons de weg gebaand om tot Gods rijk te komen.’

 

7. DE MARIA’S

Aan het begin van de via dolorosa van Jezus stond een zorgzame vrouw.
Zij zalfde het lichaam van haar Heer als voorbereiding op het graf.
Nu is het zover.
Er valt een dode te betreuren en te begraven.
Maria uit Magdala,
Maria de moeder van Jakobus en Joses.
en de moeder van de zonen van Zebedeüs
en andere vrouwen zijn Jezus
gevolgd vanuit Galilea met hun zorg.
Ze zullen hem ‘diakonia’ bewijzen.
De mannen schitteren door afwezigheid
de vrouwelijke volgelingen zijn present.
Steeds laat de evangelist Matteüs het contrast tussen de mannen en de vrouwen die Jezus volgen uit de verf komen.
Het is een verschil tussen licht en donker.
Uitzonderingen daargelaten.
Jozef van Arimathea.
Nu hij dood is
wordt Jezus door hem met zorg van het kruis afgenomen
en in een nieuwe grafspelonk gelegd. Het mag wat kosten.
Rust zacht!
Een grote steen sluit de ingang af.
´t Is voorbij.
De Maria’s blijven achter.
Ze gaan tegenover het graf zitten.
Verdrietig.
Ze houden op die plaats
waar alles er van weg heeft
dat de dood het laatste woord genomen heeft
eerder een wake
dan dat zij louter de grafspelonk
in de gaten houden.
Ze zijn er.
Vrouwen zullen daarom als eerste getuigen zijn van God die opnieuw van zich zal laten horen.
Vanuit de het graf is er een blauwe lucht te zien. In de verte een leeg kruis, slechts de kapstok van een doornen kroon.

Verborgen God,
een mens in dodelijke verlatenheid,
een Man van smarten
stelt Gij ons tot levensteken.
Wij bidden U omwille van zijn lijden:
sterk ons in het geloof
dat Gij ons niet alleen laat,
dat wij ons kunnen verlaten op U
bij alles wat ons overkomt,
vandaag en tot het einde van onze dagen.

 

Geef een reactie